Johan de Boose

Geheimen van Grzimek

Als kind bevond zich in de boekenkast van mijn vader een boek met een indrukwekkende rug. Moeizaam spelde ik de letters 'Grzimek'. De boekenkast en de verzameling natuurwonderen in mijn vaders kamer waren overigens helemaal adembenemend. Grzimek kreeg een mythische betekenis. Ik vereenzelvigde de naam met mijn vader, of met het legendarische beeld dat ik van hem had, maar ook met de natuur, met iets metafysisch, iets dat groter was dan ikzelf, iets dat ik geen naam kon geven... Pas veel later ontdekte ik dat Bernhard Grzimek een dierenarts, een dierentuindirecteur (sic!) en een maker van dierenfilms was, en dat zijn naam een Slavische achtergrond had. Grzimek was geobsedeerd door de natuur. Na zijn dood in 1987 werd hij begraven boven de Ngorongoro-krater in Tanzania. Met de jaren groeit mijn fascinatie. Grzimek, mijn vader en mijn jeugd zijn dood. Moeder is haar eigen bestaan vergeten. En ikzelf reis de wereld af met een niet aflatende nieuwsgierigheid. Het geheim wordt almaar groter. Hoe meer ik ontdek, hoe meer Grzimek me in zijn greep heeft.

Deze bundel werd genomineerd voor de Herman de Coninckprijs 2011.

Onderstaand gedicht werd genomineerd voor het beste gedicht van 2010:

 

Zij breekt wakker en spoelt aan

als iemand die verbeten op

de ramen tikt met druppels

uit het noorden en verlangen.

 

Zij zegt: Ik kan niets lichters

dan dit lichaam geven.

Zo licht dat het verglijdt

nog voor ik het kan nemen.

 

Ik zeg: Ik kan niets groters

doen dan in je ondergaan,

zoals vermoeide warmte ’s avonds

 

in je zinkt. Ik droomde dat

het sissen in je duren bleef

en dat ik in je leerde zwemmen.